Waarom een prachtig webdesign een potentiële nachtmerrie is voor slechtzienden

Berend Peeters komt op voor slechtzienden in de digitale wereld.

Even snel informatie opzoeken, een nieuw setje schoenen bestellen of een Datumprikker invullen. Voor de meesten van ons zijn dit de normaalste handelingen ter wereld. Voor zo’n 300.000 mensen geldt dit echter niet. Voor wie leeft met een visuele beperking, is de digitale wereld vaak een aaneenschakeling van frustraties en ellenlange omwegen om uiteindelijk bij die ene noodzakelijke knop te komen. Berend Peeters, ervaringsprofessional in visuele beperkingen, stoort zich hier mateloos aan. ‘De digitale wereld is visueel ingericht, waardoor wij er niet aan te pas komen.’

Honderden klikken voor één pagina

Doordat Berend zelf slechtziend is, weet hij als geen ander waar de knelpunten zitten. In plaats van bij de pakken neer te zitten, besloot hij zich hard te maken voor een toekomst met minder beperkingen en meer oplossingen. Tijdens zijn studie ontdekte hij dat hij met programmeren een heel eind kon komen, maar dat het slechts een deel van de oplossing was en dat veel websites nog altijd ontoegankelijk zijn. ‘Dat begint vaak al bij de eerste ‘blik’ op een website.’ Gekscherend voegt hij eraan toe: ‘Dan weet ik direct: dit is niet voor mijn soort. Soms moeten we honderden keren klikken om slechts één pagina verder te komen. Er zijn maar weinig websites die écht goed toegankelijk zijn.’

Waarom ‘mooi’ vaak ‘onbruikbaar’ betekent

De kern van het probleem is volgens Berend evident: ‘De digitale wereld is volledig visueel ingesteld. Mensen met een visuele beperking hobbelen er maar wat achteraan.’ Hij beschrijft hoe websites worden gebouwd om er zo aantrekkelijk mogelijk uit te zien. Dit gaat bijna altijd gepaard met aanpassingen in de datastructuur, wat de hulpsoftware van slechtzienden tegenwerkt of zelfs blokkeert. Berend: ‘Ik heb weleens meegemaakt dat ik iets wilde kopen, maar simpelweg niet bij de afrekenknop kon komen.’

Dit komt doordat visuele aanpassingen in de programmering vaak de logica voor screenreaders verstoren. ‘Plaatjes en complexe opmaak staan ons letterlijk in de weg.’ Dit is niet alleen een praktisch probleem; het is ook mentaal zwaar, legt hij uit. ‘Wij moeten vaak 40 tot 50 stappen doorlopen voor een handeling waar een ziend persoon één seconde over doet. Omdat het zo’n simpele handeling lijkt, voel je constant de maatschappelijke druk dat het snel moet gebeuren.’ Zelfs bij zoiets simpels als iets opzoeken op internet stuit hij op problemen.’ Hij noemt Wikipedia als voorbeeld: ‘De voetnoten en nummertjes in de tekst negeer je als ziende makkelijk, maar onze software leest ze allemaal voor. Dat vraagt om een ongelooflijke focus en een dubbele hoeveelheid energie.’

De integratiekloof in de digitale wereld

Het probleem ligt volgens Berend niet alleen bij de focus op het visuele. ‘Het heeft ook een politieke kant.’ Hij legt uit dat veel mensen met een beperking afhankelijk zijn van een uitkering, simpelweg omdat de wereld het niet de mogelijkheid biedt om stabiel werk te vinden en houden. ‘Veel mensen zitten vast in een vicieuze cirkel: ze willen werken, maar mogen niet te veel verdienen zonder hun uitkering te verliezen, terwijl ze geen toegankelijk werk vinden dat een stabiel inkomen biedt.’ 

Als het aan hem ligt, komt er een regeling waardoor deze groep eerlijk kan bijverdienen. ‘Nu gaat het vaak via vrijwilligersconstructies. Dat is niet in verhouding tot de waarde die we bieden. Als iemand een uur bezig is met het adviseren over de toegankelijkheid van een website, moet dat gewoon als gewerkt uur betaald kunnen worden. Dat helpt bij de integratie in de maatschappij.’

De mythe van de voorleesknop

Een veelgehoorde oplossing is de ‘voorleesknop’, maar Berend schiet dit direct af, hoewel hij er ook een nuance aan toevoegt. ‘Ik weet dat er een grote groep is, waaronder mensen met dyslexie of verschillende vormen van slechtziendheid die echt baat hebben bij die knop. Ook voor ouderen is het een goede tool, maar voor blinden of ernstig slechtzienden is het geen doen.’ Volgens hem is de weg naar de knop vaak al veel te lang en daarnaast hebben gebruikers hun eigen hulpmiddelen. ‘Onze eigen software staat vaak op een razendsnel voorleestempo ingesteld, anders duurt het te lang. Zo’n generieke knop op een website werkt overal weer anders en vaak is het tempo ook niet aanpasbaar. Het uitvogelen van die knop is ook per site een opgave, terwijl we met onze eigen software hetzelfde resultaat halen, mits de site maar goed gebouwd is.’

Dat is dan ook waarom hij vurig pleit voor het aanpassen van websites zodat de ondersteunende software van blinden en slechtzienden er naadloos op aansluit. Het sleutelwoord? Universal Design. Berend: ‘We hebben behoefte aan één vorm van informatie, een universele standaard die overal hetzelfde werkt. Dat is het uiteindelijke doel.’ Hij benadrukt dat dit valt of staat met structuur. ‘Als je meer structuur toevoegt aan je websites en die consequent op meerdere plekken toepast, wordt het internet voorspelbaarder. Dan kunnen wij onze software daar ook op programmeren. Nu is het simpelweg te chaotisch, omdat elk bureau websites op een andere manier vormgeeft en eigen logica bedenkt. Wij hebben die eenheid nodig.’

Samen bouwen aan een voorspelbaar web

De eerste stap naar verbetering is volgens Berend simpel: praten. ‘Als ziende kun je simpelweg niet weten of een website gebruiksvriendelijk is voor ons. Daar heb je onze input voor nodig.’ Bij het testen van apps merkt hij totaal andere zaken op dan de gemiddelde developer,’ legt hij uit. ‘Soms weten we zelf ook niet precies wat we willen, maar we weten donders goed wat er niet werkt. Het is een constante zoektocht naar woorden om aan zienden uit te leggen hoe onze wereld eruitziet.’

Toch redden we het volgens hem niet met alleen praten; er is een structurele verandering nodig in de opbouw van websites. Dat vraagt om tijd en geld en dat is waar het lastig wordt. ‘Als je de ervaring voor de ene groep verbetert, moet je soms accepteren dat het visueel misschien iets ‘strakker’ of minder prikkelrijk wordt voor de rest. Dat is een lastige afweging voor bedrijven, maar wel essentieel voor een gebruiksvriendelijk web.’

Tot slot: wat is de gouden tip voor een simpele stap in de richting van een gebruiksvriendelijke(re) website? Berend hoeft niet lang na te denken: ‘Consequente headers. Deel je pagina logisch en hiërarchisch in met koppen (H1, H2, H3). Daardoor kunnen wij direct inschatten wat er op een pagina staat. Dat scheelt ons een ongelooflijke hoeveelheid tijd en energie.’

Toegankelijkheid als nieuwe standaard bij Kompas Network

Voor Kompas Network zijn de opmerkingen van Berend Peeters echte eye-openers; het maakt pijnlijk duidelijk dat toegankelijkheid geen ‘extraatje’ is, maar de basis van een goed product. Bij Kompas is toegankelijkheid daarom een vast onderdeel van onze kwaliteitscontrole en dient het als basis voor ons UX-design en website ontwikkeling. Een mooi voorbeeld daarin is een van de merken van Kompas: Datumprikker. Op z’n zachtst gezegd kwam het huidige ontwerp niet door de ‘controle’ van Berend heen. Met deze inzichten pakken we dit onderwerp actiever aanpakken op en testen we op accessibility, zodat onze platforms voor alle doelgroepen – ziend én slechtziend – optimaal bruikbaar zijn. Een platform is voor ons pas écht geslaagd als iedereen er moeiteloos gebruik van kan maken.

Deel dit artikel

Ook interessant

Meer informatie over Waarom een prachtig webdesign een potentiële nachtmerrie is voor slechtzienden

Vul het formulier in of neem direct contact op

luc.van.koningsbrugge@kompaspublishing.nl